Onze eisen

De SDZ-federatie komt op voor de rechten van de zelfstandigen.

Ons bedrijfsdoel is “de studie, de bescherming en de vooruitgang van de professionele, economische, sociale en morele belangen van ondernemers in de ambachtelijke sector, kleine en middelgrote bedrijven en vrije en intellectuele beroepen, zonder onderscheid van beroep”.

Het actieveld van het SDZ omvat twee heel verschillende domeinen:

IconEen permanente neutrale politieke lobbying om het sociaal, fiscaal en economisch statuut van de zelfstandigen en de KMO’s in zijn geheel te verbeteren;

IconDe actieve verdediging van de specifieke belangen van onze leden om hen te helpen zich te ontwikkelen en eventuele obstakels uit de weg te ruimen en geschillen op te lossen.

De zelfstandigen en de KMO’s die door het SDZ worden vertegenwoordigd, zijn van mening dat het van het grootste belang is om het ondernemerschap echt te bevorderen. Daarom is het absoluut noodzakelijk een gunstig klimaat te scheppen voor de oprichting van ondernemingen en daartoe alle belemmeringen, lasten en remmen voor de uitoefening van een zelfstandige activiteit zo veel mogelijk te verminderen. Er moet rekening worden gehouden met de verschillende aspecten.

1. Sociaal statuut van de zelfstandigen

Voor de zelfstandigen en de KMO’s die door het SDZ worden vertegenwoordigd, blijft de verbetering van hun sociaal statuut de meest gevoelige prioriteitskwestie. Om het sociaal statuut van de zelfstandigen te verbeteren, moet een einde gemaakt worden aan de sociale ongelijkheden die nog steeds bestaan tussen zelfstandigen en werknemers.

Het SDZ is van mening dat deze verbeteringen op twee manieren moeten worden gefinancierd:

  • door een herziening ten gunste van de zelfstandigen van de alternatieve financiering van de sociale zekerheid;
  • door een eerlijkere inning van de sociale bijdragen op basis van het inkomen.

2. Belastingen :

De twee belangrijkste eisen van het SDZ zijn de volgende:

  • de voortzetting van de hervorming van de vennootschapsbelastingen om niet alleen het basistarief, maar ook het voorkeurstarief voor de KMO’s te verlagen;
  • de daadwerkelijke toepassing van een verlaging van de BTW-tarieven in bepaalde arbeidsintensieve sectoren (horeca, bouw) of voor bepaalde producten die met uitsterven worden bedreigd.

3. Vereenvoudiging

Het SDZ vindt het uiterst belangrijk om de administratie van de zelfstandigen en KMO’s , verder te vereenvoudigen.

  • het versterken van de rol en de bevoegdheden van de Dienst voor Administratieve Vereenvoudiging (DAV);
  • de veralgemening, wanneer een nieuw wetsvoorstel wordt ingediend, van een evaluatieformulier “administratieve vereenvoudiging” .

4. Ondersteuning van de oprichting van bedrijven

Het SDZ is van mening dat de oprichting van bedrijven moet worden bevorderd. Daartoe moeten op alle niveaus acties worden ondernomen: opleiding, voorlichting en de invoering van sociale en fiscale faciliteiten voor de starters. Ook moeten de overheidsfinancieringen worden versterkt.

Om een betere federale vertegenwoordiging van de zelfstandigen en de KMO’s te verzekeren, vraagt het SDZ een herziening van de wetten betreffende de organisatie van de middenklasse teneinde het pluralistische karakter van de Hoge Raad voor Zelfstandigen en KMO’s te versterken.

Om het ondernemerschap te bevorderen, stelt het SDZ voor een Nationale Ondernemersdag in te stellen, waarbij rolmodellen en succesverhalen zouden worden gepresenteerd van ondernemers die waarde toevoegen aan de gemeenschap.

Het SDZ vraagt:

  • De voortzetting van de hervorming van de vennootschapsbelastingen, om het basistarief en het voorkeurstarief voor de KMO’s te verlagen.
  • De vermindering van de successie- en registratierechten die van toepassing zijn op nalatenschappen en schenkingen van familiebedrijven.
  • De daadwerkelijke toepassing van een verlaging van de BTW-tarieven in bepaalde arbeidsintensieve sectoren (horeca, bouwnijverheid) of voor bepaalde soorten bedreigde producten (bijvoorbeeld audio-CD’s).
  • De 100% aftrekbaarheid van alle reële en voor de hand liggende beroepskosten, inclusief restaurantrekeningen met een duidelijke professionele rechtvaardiging (sector, bedrag, informatie, enz.).
  • Het geven van fiscale voordelen aan bedrijven en particulieren om te investeren in risicokapitaal van de KMO’s.
  • Het verbreden van de investeringsaftrek.
  • Een fiscaal pact opstellen dat van toepassing is op alle bevoegdheidsniveaus (federaal, gewestelijk, gemeenschap, gemeentelijk) en de gemiddelde fiscale druk meten.
  • Het groeperen, na evaluatie van hun kosten-batenverhouding, van de belastingen die kunnen worden gegroepeerd in een enkele inschrijving.
  • Het afschaffen, op gemeentelijk en provinciaal niveau, van ongepaste of verouderde belastingen, zoals de compensatiebelasting, de belasting op motorkracht en de belasting op computerschermen. Ten slotte roept het SDZ op tot het vermijden van dubbele belastingheffing door gemeenten, provincies en gewesten.
  • Het organiseren van een systeem van sociaal en fiscaal vrijgestelde zones om de vestiging van bedrijven en winkels in benadeelde wijken aan te moedigen.

Het SDZ vraagt:

  • Een algemene hervorming van het sociaal statuut van de zelfstandigen met het oog op vereenvoudiging, helderheid en sociale vooruitgang.
  • De invoering van een vijfjarenplan dat een einde maakt aan de sociale ongelijkheden die nog steeds bestaan tussen zelfstandigen en werknemers.
  • De gelijkstelling van de minimumuitkeringen en -rechten van de zelfstandigen met die van de werknemers.
  • De verlenging van het betaald zwangerschapsverlof voor de zelfstandige vrouwen, teneinde aan zij die het willen de mogelijkheid te geven om bijvoorbeeld langer borstvoeding te geven.
  • De invoering van betaald vaderschapsverlof, gelijk aan dat van de werknemers.
  • De afschaffing van de minimale forfaitaire sociale bijdragen tijdens de eerste drie jaren van de tewerkstelling.
  • Een verlaging van de minimumbijdragen voor de volgende jaren.
  • Een meer rechtvaardige inning van de sociale bijdragen naargelang het inkomen.
  • De daling van het verhogingspercentage bij laattijdige betaling van de sociale bijdragen (3% per kwartaal + 7% op het einde van het jaar!).
  • De verlaging van de verhogingen die worden opgelegd aan de zelfstandigen die aantonen dat hun bankrekening voor het einde van het betreffende kwartaal werd gedebiteerd.
  • De automatische afschaffing van de verhogingen in het geval dat het sociaal verzekeringsfonds een aflossingsplan heeft aanvaard dat door de zelfstandige wordt nageleefd.
  • De afschaffing, of in ieder geval een fundamentele herziening, van de jaarlijkse sociale bijdrage voor vennootschappen, die door hun eigenaars bijzonder slecht wordt ervaren, omdat zij het forfaitair karakter ervan onrechtvaardig vinden en de gegrondheid ervan niet begrijpen.
  • De mogelijkheid voor de zelfstandigen om een groter gratis aanvullend pensioen op te bouwen.
  • Een betere organisatie en controle van de informatieverplichting van de sociale verzekeringsfondsen tegenover hun zelfstandige leden en meer in het bijzonder bij degenen die moeilijkheden ondervinden.
  • De vergoeding van de sociale verzekeringsfondsen niet alleen op basis van de hoeveelheid van hun prestaties, maar ook op basis van de kwaliteit van hun dienstverlening aan de leden.

Het SDZ vraagt:

  • De versterking van de bevoegdheden van de Dienst voor Administratieve Vereenvoudiging (DAV), dat de rol van “Hoge Raad voor Vereenvoudiging” zou moeten vervullen en verantwoordelijk zijn voor de systematische herziening van de administratieve procedures voor de zelfstandigen en KMO’s.
  • Vereenvoudiging en versoepeling van de inschrijvingsregels bij de Kruispuntbank der Ondernemingen, met betrekking tot het getuigschrift van minimaal beheer.
  • Een versoepeling van de arbeidsovereenkomsten in bepaalde specifieke sectoren (horeca, uitzendwerk, tijdelijk personeel, enz.).
  • De veralgemening, wanneer een nieuw wetsvoorstel wordt ingediend, van een door de DAV gecontroleerd evaluatieformulier voor “administratieve vereenvoudiging”, die rekening houdt met de administratieve gevolgen en de kosten die de nieuwe wetgeving met zich meebrengt.
  • Het opleggen van een bindende beantwoordingstermijn voor alle federale overheidsdiensten.
  • De verdere ontwikkeling van een elektronische administratie (e-government), met name om de zelfstandigen en de KMO’s te voorzien van vereenvoudigde formulieren die “on line” kunnen worden gelezen en gebruikt.
  • De oprichting van één centrum voor inning van auteursrechten.
  • De verkorting van de archiveringstermijn die aan de bedrijven wordt opgelegd en de veralgemening van de vergunning voor gecertificeerde elektronische opslag.
  • De consolidering, vereenvoudiging, objectivering en bevordering van steunmaatregelen voor ondernemingen op basis van het beginsel dat de overheid zich moet richten op een punctuele steun aan ondernemingen in de kritieke fasen van hun bestaan: oprichting, innovatie, investeringen, uitvoer en overdracht.
  • Het verbieden van het toepassen van een terugwerkende kracht in de fiscale en sociale wetgeving.
  • Het verlengen van de termijn voor het neerleggen van de jaarrekening bij de Nationale Bank van België.

Het SDZ vraagt:

  • De vereenvoudiging van de wet op de handelsvestigingen en een objectief kader voor de ontwikkeling van supermarkten en hypermarkten, teneinde het complementair karakter van de kleinhandel en de grote distributie te verbeteren.
  • Handhaving van de regulering van de solden, de sperperiode en het beginsel van het verbod op verkoop met verlies, met het oog op het behoud van het evenwicht tussen de verscheidene soorten distributies en het garanderen van het beginsel van de prijstransparantie.
  • De aanzienlijke verlaging van de kosten van elektronische betalingen aanzienlijk te verlagen.
  • De bestrijding van illegale en oneerlijke handelspraktijken (niet-naleving van de wekelijkse sluitingsdag en van de openingsuren, gebrek aan toegang tot het beroep, ongecontroleerde verkoop, zwartwerk, enz.)
  • Het verstrekken van een federaal budget om de winkelcentra in de grote steden dynamisch te maken.

Het SDZ vraagt: :

  • Een verlaging van de werkgeversbijdragen om deze terug te brengen tot het niveau van het Europese gemiddelde.
  • Een aanzienlijke verlaging van de sociale lasten, met name voor de werknemers in de meest gevoelige leeftijdscategorieën (minder dan 25 jaar, meer dan 45 jaar).
  • De ontwikkeling van een systeem van fiscale stimulansen voor de beroepsopleiding van werknemers en zelfstandigen.

Het SDZ vraagt:

  • Het behoud en de versterking van de openbare financieringsmechanismen.
  • Het reglementeren van de persoonlijke waarborgen en van de waarborgen bij professionele kredietverleningen, teneinde de negatieve effecten daarvan op het vermogen van de familie van de ondernemer te verminderen.
  • Het creëren van een dwingend juridisch kader voor bankkredieten, gericht op het meer verantwoordelijk en transparant maken van de bankpraktijken.

Het SDZ vraagt :

  • De ontwikkeling van een gemeenschapsgerichte politiezorg (community oriented policing) dicht bij alle burgers, inclusief winkeliers en ondernemers (meer operationele aanwezigheid, minder administratieve en logistieke functies).
  • Het houden van regelmatige overlegvergaderingen in elke politiezone met vertegenwoordigers van buurtcomités, winkeliersverenigingen, enz.
  • Het nemen van concrete maatregelen om handelaars te beschermen en recidivisten en criminelen die tot erkende bendes behoren, uit de buurt van hun slachtoffers te houden.
  • De veralgemening van video-politiebewaking , de systematische plaatsing van bewakingscamera’s in “gevoelige” zones en de oprichting van mobiele politiebureaus (mobilhomes).
  • De invoering van gratis opleidingen voor risicoberoepen (apothekers, juweliers, krantenwinkels, enz.) over hoe om te gaan met gewelddaden.

Het SDZ vraagt :

  • Een wetgeving om, bij openbare werken, voorafgaand aan de werkzaamheden, de verantwoordelijkheden van de verschillende betrokken partijen vast te stellen.
  • Het opleggen aan de met het project belaste overheidsinstanties, van de aanstelling van een bemiddelaar en van de invoering van een standaard raadplegingsprocedure.
  • Het verplicht stellen van een permanente informatieverstrekking aan de omwonenden, met name over de duur van de werkzaamheden.
  • Het vrij raadplegen van alle administratieve documenten en voorstudies betreffende de openbare werken, door de betrokken zelfstandigen en KMO’s.
  • De mogelijkheid te voorzien om fiscale voordelen (BTW, RSZ, enz.) of belastingvrijstellingen te verlenen aan de handelaars en ondernemingen die door de openbare werken worden getroffen.
  • Een aanzienlijke verhoging van de uitkeringen toegekend aan de zelfstandigen die door de openbare werken worden benadeeld en een drastische vermindering en vereenvoudiging van de voorwaarden voor het verkrijgen van deze uitkeringen.